Brusselse Onze-Lieve-Vrouw van Goede Bijstandkerk verwelkomt 'woke-kerststal' met open armen
In dit artikel:
De Brusselse Onze-Lieve-Vrouw van Goede Bijstandkerk neemt de omstreden stoffen kerststal Les Étoffes de la Nativité van interieurarchitect Victoria‑Maria Geyer op in haar kerkgebouw. Het werk, dat vorig jaar voor het eerst op de Grote Markt stond, bestaat uit levensgrote, gezichtsloze figuren opgebouwd uit gerecyclede textielresten — een verwijzing naar het lakenverleden van Brussel — en wil toeschouwers makkelijker laten invoelen met het kerstverhaal.
De installatie veroorzaakte felle reacties: op sociale media werd het weggezet als een 'woke‑kerststal' en MR‑voorzitter Georges‑Louis Bouchez noemde de gezichtsloze poppen 'zombies'. Tegelijkertijd vonden gemeenschappen zoals Paulus en de Goede Bijstand juist waardering voor de keuze om de focus te leggen op armoede en kwetsbaarheid. Pastoor Johnny De Mot zegt dat de stoffen stal beter dan traditionele, opgepoetste taferelen herinnert aan de kern van Kerstmis: de geboorte in armoedige omstandigheden en de aandacht voor mensen die op straat leven. Hij betreurt wel dat politici de controverse soms voor eigen gewin probeerden te gebruiken en uiteindelijk niet zichtbaar betrokken waren bij de kerkelijke gemeenschap.
Na de commotie bood het stadsbestuur de kerk een nieuwe thuis voor de stal; vanaf het einde van dit jaar is die te zien in de Onze‑Lieve‑Vrouw van Goede Bijstand, vlakbij het Manneken Pis. De kerk profileert zich als gastvrij voor straatbewoners, vluchtelingen en mensen zonder wettelijk verblijf en ziet de opvang van de kerststal als een voortzetting van die missie. De komst van het werk houdt de discussie levend over de vraag hoe traditie, kunst en sociale realiteit met elkaar verbonden moeten worden.
Vandaag Inside Oranje: Hoe denken FC Barcelona-fans over Frenkie de Jong?